Home Parlement Financiën en begroting Dienst voor Alimentatievorderingen (DAVO)
Dienst voor Alimentatievorderingen (DAVO)
woensdag, 07 oktober 2009 12:04

Mevrouw Meyrem Almaci aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele Hervormingen over "de terugbetaling van de voorschotten die door de Dienst voor Alimentatievorderingen (DAVO) werden uitgekeerd" (nr. 15347)

 Bron en volledig verslag : http://www.dekamer.be/doc/CCRI/pdf/52/ic652.pdf

COMMISSIE VOOR DE FINANCIËN EN DE BEGROTING COMMISSION DES FINANCES ET DU BUDGET

Woensdag 07-10-2009

….  03.04 Meyrem Almaci (Ecolo-Groen!): Mijnheer de staatssecretaris, wegens het aantal vragen denk ik dat u minstens een uur zult nodig hebben om te zeggen hoe de DAVO in elkaar zit. Het voorbije jaar zijn er verschillende schriftelijke vragen geweest. Wij kregen te horen dat het onmogelijk was op een groot deel van die vragen te antwoorden wegens een stuitend gebrek aan gegevens. Ik zal de vragen van de collega’s De Potter en Smeyers niet herhalen. Ik sluit mij erbij aan. Ik zal wel een aantal deelvragen stellen. Half september werd een mediacampagne gelanceerd. De DAVO kwijt zich daarmee van een deel van haar maatschappelijke taak, met name zichzelf meer bekend maken. Ook ik ben geïnteresseerd in de impact daarvan en eventueel in latere plannen om zich bekend te maken. Met het bekender worden, worden er natuurlijk ook meer voorschotten uitgedeeld aan gescheiden ouders van wie de partner weigert onderhoudsgeld te betalen. Ik trap een open deur in, want iedereen weet dat de problemen nadien beginnen. Er wordt steeds meer geld uitgegeven dan er binnenkomt. Die voorschotten raken eigenlijk niet terugbetaald. Volgens het jaarverslag van 2008 komt er 169 miljoen euro terug. Slechts 14 procent kon worden ingevorderd. Wat zijn hiervan de voornaamste redenen? Op mijn schriftelijke vraag vorig jaar kreeg ik geen antwoord. Ik leg nu gewoon de bal bij u. Wat zijn volgens de DAVO zelf de voornaamste redenen? In de media hebben verschillende betrokkenen gezegd dat de DAVO niet de middelen, noch de slagkracht heeft om de invorderingen te kunnen doen zoals het hoort. Het gaat onder meer over personeelsgebrek, maar het gaat ook over juridische methodes en inzet. Wat is uw reactie daarop? Wat vindt u van de concrete voorstellen daaromtrent van onder meer de Vrouwenraad en de Gezinsbond? Het aantal uitgekeerde voorschotten stijgt natuurlijk elk jaar. Op dit moment zijn er ongeveer 30 000 dossiers. Er werd 1,3 miljoen euro aan voorschotten betaald. Men wil dat optrekken naar 100 000- 150 000 dossiers. Is daarmee rekening gehouden in de begroting? Volgende week is er immers de start van het parlementaire jaar met de eerste plenaire vergadering. Wordt er voorzien in een groeiscenario met een daaraan gehecht plan van aanpak inzake de invorderingen? Ik verwijs naar de vele vragen die de heer De Potter daarover heeft gesteld en waarbij ik mij aansluit. Het volgende is nog concreter en redelijk essentieel. Van de 24 miljoen euro die de DAVO kon inzamelen, wordt 20 miljoen direct uitgegeven. Van die 20 miljoen gaat het grootste deel, 16 miljoen, naar het betalen van voorschotten. Dat geld gaat dus niet naar de persoon voor wie werd ingevorderd. 16 miljoen van de 20 miljoen gaat naar degenen die opnieuw een aanvraag tot ondersteuning doen, een slordige 2 miljoen gaat naar personeelskosten en slechts een zeer klein deel blijft over om de personen die een dossier hebben geopend, effectief achterstallige alimentatiegelden uit te betalen.  Naast het feit dat er zeer weinig invorderingen zijn, wordt ook het geld dat uit de invorderingen komt, gewoon gebruikt om nieuwe voorschotten uit te betalen. Dat is een knoert van een probleem, want eigenlijk zegt u tegen de mensen die bij de DAVO terechtkomen, dat het enige waarop ze kunnen rekenen, een voorschot is. Op dit moment is het slechts voor een zeer kleine groep de realiteit dat zij hun achterstallig alimentatiegeld gewoon krijgen. Gelet op de inkomensgrens zijn wij hier – misdadig is niet het woord – zeer pervers bezig. Wij voeren een mediacampagne om mensen op te roepen om zich bij de DAVO aan te melden, maar het inkomensplafond is eigenlijk bedroevend laag. Ook de staatssecretaris bevoegd voor Armoedebestrijding zegt dat. Wie zich aanmeldt en een hoger inkomen heeft, krijgt geen voorschot. Als er iets wordt ingevorderd in naam van die betrokkenen, alsook in naam van degenen die in aanmerking komen voor een voorschot, is dat geld bestemd om de volgende voorschotten uit te betalen Door het gebrek aan geld wordt het niet gebruikt om effectief het achterstallig alimentatiegeld te betalen. Eigenlijk roept u mensen dus op om zich in een straatje zonder einde te begeven en zich bij wijze van spreken – ik gebruik ruwe woorden – met een aalmoes tevreden te stellen. De DAVO, die oorspronkelijk een zeer nobel doel had, houdt dus eigenlijk een pervers systeem in stand. Dat is een schrale troost voor degenen wier alimentatiegeld niet wordt betaald. Hoe zult u dat probleem aanpakken? Ik heb daar nog geen enkel voorstel over gehoord of geen enkele vraag, maar voor mij is het redelijk essentieel. Uw collega, de heer Delizée, heeft bij de begrotingsbesprekingen gevraagd om het plafond te herbekijken. Vorig jaar heb ik die vraag ook aan de heer Reynders gesteld. Wij hebben op 21 januari 2008 ook een wetsvoorstel ingediend om de inkomensdrempel af te schaffen. Ik kan begrijpen dat de afschaffing ervan misschien wat verregaand is, maar de heer Delizée vraagt zelf om het plafond op te trekken, net zoals het bedrag van de voorschotten. Hoe staat de heer Reynders daartegenover? Vorig jaar stond hij daar redelijk welwillend tegenover. Wat zult u er concreet aan doen? Wat mogen we volgende week in de verklaring voor de plenaire vergadering verhopen te horen?

…  03.06 Staatssecretaris Bernard Clerfayt: De minister heeft wel verklaard dat een  verhoging van e inkomensgrens tijdens de begrotingsonderhandelingen ter sprake zou kunnen komen, maar het probleem is dat de budgettaire impact van een  verhoging of afschaffing van de inkomensgrens moet worden geraamd. Zonder die raming kan er moeilijk iets beslist worden. De kabinetten van de minister van Financiën, van Staatssecretaris Wathelet en van Staatssecretaris Courard plegen overleg om een universitaire studie op te zetten betreffende het ontwikkelen van een rekenmodel waarmee de budgettaire weerslag van het toekennen van voorschotten door de Dienst voor Alimentatievorderingen kan worden geraamd. Het is de bedoeling dat die studie nog dit jaar van start gaat. Betreffende de budgettaire toestand kan ik u verzekeren dat er momenteel geen problemen zijn om de voorschotten op onderhoudsgeld te betalen. Wat de techniek van het Begrotingsfonds betreft, volstaan de ontvangsten niet om de uitgaven te verrichten. Daarom laat de algemene uitgavenbegroting het fonds elk jaar toe een debettoestand te vertonen. Er wordt voorzien in een variabel krediet op basis waarvan de voorschotten kunnen worden betaald. Ter illustratie, het volgende. De algemene uitgavenbegroting 2009 machtigt het Fonds een debettoestand te vertonen die het bedrag van 68 450 000 euro niet mag overschrijden. De debettoestand bedroeg eind augustus ongeveer 40,8 miljoen euro in het negatief. Dezelfde algemene uitgavenbegroting voorziet in een variabel krediet van 17,15 miljoen euro om de voorschotten te betalen. Het geciteerde bedrag van 168 miljoen euro heeft betrekking op het totaal van de in te vorderen sommen. Daarin zijn begrepen: de achterstallen, waarin ook de uitbetaalde maar nog niet ingevorderde oorschotten zijn verrekend, de intresten, de bijdragen in de werkingskosten van de DAVO en de voor 1 oktober 2005 door de OCMW’s uitbetaalde voorschotten. Dat bedrag blijft toenemen. De oorspronkelijke schuldeiser heeft al op verschillende manieren geprobeerd de betaling af te dwingen en het is niet omdat de overheid de invordering nu naar zich toegetrokken heeft dat de schuld opeens voor de volle honderd procent invorderbaar is. sommigen zijn gewoonweg niet in staat om te betalen omdat ze geen inkomen hebben. Anderen onttrekken zich vrijwillig aan hun verplichtingen, maar dat  ontwijkende gedrag is niet typisch voor  nderhoudsplichtigen. Het bedrag blijft ook stijgen, omdat de DAVO nog geen gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid die de DAVO-wetgeving voorziet om vorderingen te annuleren. Door gebruik te maken van die mogelijkheid zou het totaal in te vorderen bedrag dalen, maar de onderhoudgerechtigden zijn daarmee niet geholpen. Zolang de vordering nog actief is, kan regelmatig de solvabiliteit worden gecontroleerd of kan er worden gekeken of de  onderhoudsplichtige recht heeft op een belastingteruggave die kan worden gecompenseerd met de schuld. Deze compensatie, die sinds de programmawet van 22 december 2008 zonder formaliteiten kan worden verricht, is een van de initiatieven die wij hebben genomen. Ik kan u echter momenteel geen resultaten geven met betrekking tot de aanwending van deze mogelijkheid tot compensatie. Zodra de DAVO over de elektronische toegang tot de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid beschikt, zal die dienst de laatste werkgever en het loon van de onderhoudsplichtige kennen. Omdat er momenteel geen informatie over zijn statuut kan worden opgevraagd, kan er geen dergelijk onderscheid worden meegedeeld. De deadline is december 2009. Tot dan zal de informatie nog steeds op papier worden uitgewisseld. Het belangrijkste initiatief  waarmee nu van start is gegaan, is het ICTinvesteringsproject STIMER. Volgens de  planning zou de module STIMER Alimentatievordering in juni 2010 operationeel moeten zijn. Daardoor zal het huidig programma, dat als rigide en weinig gebruiksvriendelijk wordt omschreven, worden vervangen door een technologisch meer geavanceerd programma met meer functies. De DAVO zou dan in staat moeten zijn om meer statistische gegevens te leveren. Zodra al die initiatieven volledig operationeel zijn en wanneer het gebruik ervan voldoende ingeburgerd zal zijn, zal de DAVO volgens mij over voldoende slagkracht moeten beschikken. De dienst zou in elk geval sneller moeten kunnen reageren als er signalen worden ontvangen dat de  onderhoudsplichtige voldoende solvabel is. Ik sta trouwens open voor alle  constructieve voorstellen die erop gericht zijn om de dienst zijn opdracht beter te laten vervullen. De Dienst telt momenteel 96 voltijdse equivalenten. Na de invoering van de module “STIMER Alimentatievorderingen” zullen sommige taken worden geautomatiseerd. Dan kan het aantal medewerkers opnieuw worden geëvalueerd of kan de werkverdeling worden aangepast. Het aantal dossiers steeg sinds december 2008 met een kleine 11 procent, terwijl het aantal kinderen dat voorschotten krijgt met ongeveer 4 procent steeg. Nu wordt voor 11 822 kinderen voorschotten uitbetaald. Ik veronderstel dat onder meer de economische crisis aan de basis van die stijging ligt. In verband met het verwachte aantal dossiers, zou ik toch een correctie willen aanbrengen. De DAVO heeft zich nooit 150 000 dossiers ten doel gesteld. Dat cijfer circuleert in de media en bij de belangenverenigingen, maar bij mijn weten is er niemand die met enige zekerheid kan zeggen hoeveel mensen een beroep op de dienst zouden kunnen doen. Ook dat element zal hopelijk worden opgelost door de studie waarover ik al eerder heb gesproken. Wat de oprichting van een nationaal register van rechterlijke beslissingen en authentieke akten inzake onderhoudsgeld betreft, moest de DAVO eerst zijn informatiseringsproject tot een goed einde brengen alvorens dat te kunnen gebruiken. Niet alle gevraagde cijfergegevens zijn beschikbaar. Ik verwerp formeel de bewering als zou het door de DAVO ingevorderde geld worden gebruikt om de loonkosten van de medewerkers te betalen. Alle ingevorderde middelen worden, na aftrek van de uitgekeerde voorschotten en van de werkingskosten, aan de onderhoudsgerechtigden uitbetaald. Die werkingskosten omvatten dus geenszins de loonkosten van de zowat honderd personen die bij DAVO werken! Ik heb een tabel met een overzicht van de voorschotten die werden uitbetaald en ingevorderd voor de jaren 2007-2008-2009. De toegekende voorschotten bedragen 14,9 miljoen euro voor 2007, 16,3 miljoen euro voor 2008 en 11,5 miljoen voor de eerste acht maanden van 2009. Het totaalbedrag over drie jaar bedraagt meer dan 42 miljoen euro. De teruggevorderde voorschotten in 2007 bedragen 2,1 miljoen euro, in 2008 3,3 miljoen euro en in de eerste acht maanden van 2009 2,8 miljoen euro. Het totaalbedrag over drie jaar bedraagt 8,3 miljoen euro. De volgende tabel geeft een overzicht van de bedragen die aan de aanvragers werden gestort op 31 december  2007, 31 december 2008 en eind augustus 2009. De uitbetaalde voorschotten zijn niet in deze bedragen begrepen. Het euros. totaal bedrag dat in 2007 aan de aanvragers werd uitbetaald, bedraagt ongeveer 3 662 000 euro. In 2008 bedroeg dat bedrag 5 535 000 euro en voor de eerste acht maanden van 2009, 7 180 .000 euro. De derde tabel geeft per Gewest een overzicht van het aantal dossiers waarin voorschotten worden uitbetaald, alsook van het aantal kinderen waarvoor voorschotten worden uitbetaald. Om technische redenen kunnen geen bedragen worden meegedeeld. Er zijn 3 008 dossiers voor Vlaanderen, 2 774 voor Wallonië en 926 voor Brussel, voor een totaal van 6 708. Het aantal kinderen dat het voorschot geniet, bedraagt 5 414 voor Vlaanderen, 4 496 voor Wallonië en 1 714 voor het Brussels   Hoofdstedelijk Gewest. Dat is een totaal van 11 822. De heer De Potter had een vraag in verband met het in de begroting van 2009 geraamde bedrag van 25,9 miljoen euro aan ontvangsten. Ik wil u daarvoor graag verwijzen naar het antwoord van de minister op de schriftelijke vraag nr. 226 van 20 januari 2009.

03.11 Meyrem Almaci (Ecolo-Groen!): Mijnheer de staatssecretaris, ik heb een en ander onthouden uit uw antwoord. Eerst en vooral is men een promotiecampagne begonnen, met als doel meer gezinnen aan te trekken, die men niet zal kunnen helpen. Dat is de analyse. 03.13 Meyrem Almaci (Ecolo-Groen!): Dat is inderdaad mijn interpretatie. U gaat daarmee waarschijnlijk niet akkoord, maar eigenlijk zegt u, tussen de regels door, dat er, gezien de budgettaire situatie, geen verhoging zal komen. U zegt dat het onderdeel is van de onderhandelingen, maar politiek is keuzes maken. Ik heb de verklaring van de premier gehoord bij zijn aanstelling, met een verwijzing naar schuldbemiddeling, de gevoeligheid voor de DAVO enzovoort. Als men keuzes maakt in financieel moeilijke tijden, waardoor die gezinnen extra worden getroffen, zou u iets moeten doen voor de DAVO. U antwoordt dat u nood aan good practices hebt en dat iedereen die een advies kan geven over de manier waarop de op dit moment haperende werking kan worden opgetrokken, welkom is. Met alle respect, het voorbije jaar hebben wij niets anders gedaan. Ik heb via verschillende, schriftelijke vragen gevraagd om bijvoorbeeld bij de verschillende DAVO-kantoren op bezoek te mogen gaan, teneinde na te gaan hoe het komt dat er tussen verschillende kantoren een verschil in invorderingen is. U hebt daarnet gesproken over het feit dat belastingplichtigen over de grens gaan of zich elders domiciliëren om niet meer te worden gevonden. Is er een verschil tussen grensgemeenten en andere gemeenten? Hoe zit het met de inzet van het personeel? Wordt er bij gelijk personeel bij vergelijkbare situaties in het ene kantoor meer ingevorderd dan in het andere? Waaraan ligt dat? Ik heb ook de vraag naar de werkmethode gesteld. Op welke manier gebeurt de invordering? Is er een geijkte manier om in te vorderen? Ik heb sterk de indruk dat zulks niet het geval is. Zolang u voorgaande vragen niet uitklaart, zult u nooit het antwoord kennen. Ik heb verslag na verslag de indruk dat er ter zake gewoon geen duidelijkheid is. Het antwoord is telkens dat er geen data of gegevens over de problematiek zijn. Echter, zonder de data of essentiële gegevens zult u ook niet het systeem kunnen verbeteren. Wij moeten de diagnose kunnen stellen, vooraleer wij iets aan de kwaal kunnen doen. Wij weten allen wat de kwaal is. Wij kunnen echter de diagnose niet stellen, omdat wij niet weten wat op dit moment de uitingen en de symptomen zijn. Mijn eerste boodschap is dus de bede om van het voorgaande werk te maken. Ten tweede, ga eens kijken hoe het in het buitenland zit. Het Nederlands Bureau Inning Onderhoudsbijdragen komt op het vlak van kinderalimentatie tot 80 procent inningen. Ook voornoemd bureau zal wel dezelfde problemen hebben als de problemen die u hier opnoemt. Waaraan ligt het verschil in inningen? Welke praktijken gebruikt dat bureau? Kunnen wij daar niet van leren? Het is immers een relatief jonge dienst. Het gaat hier echter wel om een behoorlijk fundamenteel probleem. Inzake de 30 000 dossiers en 150 000 dossiers treed ik de andere vraagstellers volledig bij. De intentie is door de DAVO en door de heer Delizée in de pers geformuleerd. Ik ga er echter van uit dat, indien een staatssecretaris dergelijke uitspraken doet, zijn woorden een intentie moeten zijn die wij moeten nastreven, gezien de huidige situatie met de financiële crisis en de manier waarop de crisis onze burgers treft, Het heeft immers geen zin om nu een cartoon in verschillende tijdschriften en kranten te laten verschijnen – Gescheiden? Problemen met je alimentatie? DAVO helpt je –, indien het achteraf niet de bedoeling is om effectief 150 000 gezinnen te helpen. Misschien moet u in dat geval opletten met de manier van promotie voeren. U hebt geantwoord dat van de 24 miljoen euro die de DAVO heeft ingezameld, er helemaal niets naar personeelswerking is gegaan. Dat stond nochtans zo in de krant, maar goed, ik ben niet iemand die per se gelooft wat in de krant staat. Mijn vraag is echter waar het geld dan wel naartoe gaat? Daarop hebt u niet geantwoord. Gaat het naar het uitbetalen van nieuwe voorschotten? Of gaat het naar het uitbetalen van achterstallig alimentatiegeld, naast die voorschotten, aan de mensen die een dossier hebben geopend bij de DAVO? Daarop zou ik echt graag een antwoord krijgen, want anders creëert u een pervers effect. Dan zegt u eigenlijk tegen de mensen die bij de DAVO aankloppen, dat een voorschot alles is waarop zij kunnen rekenen. Daarop wil ik echt een antwoord. Ik geef u de volgende raad; kijk naar de good practices, maak een goede analyse, wacht niet tot december. De kruispuntbank zal niet alles oplossen. Maak een doorlichting van de werking in uw verschillende kantoren. Dan zal er waarschijnlijk reeds op heel veel van de vragen een antwoord kunnen worden gegeven. Ik heb, als simpele parlementslid, geprobeerd om dat te doen. Ik heb de toestemming niet gekregen van de minister. Ik mocht niet naar de DAVO-kantoren. Dat zegt genoeg. U hebt die mogelijkheid wel. U hebt die taak wel. Doe het dan ook. Wacht dan niet tot parlementsleden zelf vragen stellen, zelf stappen willen ondernemen, om dan te zeggen dat het niet kan en niet mag. Doe het dan alstublieft zelf, want het is te belangrijk, zeker vandaag.

….

 

 
Banner

RocketTheme Joomla Templates