Home Parlement Financiën en begroting Nieuwe Bankentaks bevoordeelt banken met een hoge hefboom
Nieuwe Bankentaks bevoordeelt banken met een hoge hefboom
vrijdag, 23 december 2011 14:33

Normaal dragen de sterkste schouders de grootste lasten. Dit principe kreeg in de nasleep van de financiële crisis meermaals een deuk. Om de burger toch het idee te geven dat zij niet uitsluitend moeten opdraaien voor de brokken van de financiële wereld, werd daarom in 2010 een bankenbijdrage in het leven geroepen. In onze begroting wordt die ingeschreven als een verzekering tegen toekomstige problemen. Er is een Bijzonder beschermingsfonds dat onze spaargelden zal beschermen, tot een plafond van 100.000 euro. Alleen wordt er helemaal geen verzekeringspostje gespijsd. De middelen worden direct gebruikt om de lopende uitgaven te financieren. Nu zou je mogen verwachten dat de Regering als goede huisvader bij de heropbouw van de financiële sector allang een goede en sluitende architectuur zou uitgetekend hebben. Zodat we dat spaarpotje ook nooit zouden nodig hebben. Dat is mogelijk, de bijzondere bankencommissie heeft meer dan een voorstel in die richting uitgewerkt. Maar helaas, op die plannen is het, ook met de nieuwe regering, nog even wachten. We gaan een studie doen naar de ‘wenselijkheid’ van het splitsen van de bankactiviteiten, alhoewel de bijzondere bankencommissie, met erin socialisten, liberalen, christen-democraten en groenen in 2009 dit al allang als een harde aanbeveling had meegegeven. Edoch, blijkbaar is de urgentie bij de meerderheid helemaal weg en de aanbeveling van toen vergeten. Zoals het er nu naar uitziet hebben we dat spaarpotje dus meer dan nodig.

Zolang de architectuur niet in orde is, moet de verzekeringspremie aanzetten tot veiliger bankieren. Maar ook die kans werd in 2010 gemist. De bankenbijdrage was een vlaktaks, die geen rekening hield met het risicoprofiel van de banken. Zoals we voorspelden was deze wet geen lang lot beschoren. Argenta vocht de wet aan en kreeg op 23 juni 2011 gelijk van het Grondwettelijk Hof. De argumentatie stelde letterlijk: « kredietinstellingen gelijk worden behandeld voor de berekening van de aangevochten bijdrage, zonder enige weging in functie van hun risicoprofiel, worden kredietinstellingen die zich hoofdzakelijk financieren dankzij het inzamelen van deposito’s bij het brede publiek onevenredig benadeeld ten opzichte van instellingen die zich voornamelijk financieren op de kapitaalmarkten ».

Ondertussen is er een tweede voorstel op de banken van het parlement. Maar helaas, ook deze keer heeft de meerderheid nagelaten degelijk werk te leveren. Het nieuwe systeem houdt nog steeds onvoldoende rekening met het echte risicoprofiel van de banken. Ze vraagt een forfaitaire bijdrage voor de financiële stabiliteit. Voor de grootbanken blijft het dus voordeliger om geld te ontlenen op de markt dan deposito’s in te zamelen. Deposito’s worden immers belast aan 0,245% in 2012, 0.15% in 2013 en 0,10% in 2014, terwijl geld ophalen op de financiële markt wordt belast tegen 0,035%. De risico-indicatoren die deze heffing beïnvloeden doen daar geen afbreuk aan, ze zijn immers te voordelig voor die grootbanken die speculeren. De risicofactor ‘risicogewogen activa’ die in de tekst wordt gebruikt berust op ratings of interne modellen die hun failliet reeds bewezen hebben. Er wordt evenmin rekening gehouden met de systemische risico’s: hoe groter de bank, hoe hoger de bijdrage zou moeten zijn.

In antwoord op deze kritiek, zei de minister dat het gaat om een bijdrage aan het bijzonder garantiefonds voor deposito’s. Dit was dus het argument om de disproportionele druk op de deposito’s in de nieuwe wet te verantwoorden. Een bijzonder cynisch antwoord. Heeft deze meerderheid dan niets uit de financiële crisis geleerd? Waren het niet immers de grootbanken wiens spaarders telkens in de problemen kwamen en waarom het depositogarantiefonds in het leven werd geroepen?

De nieuwe regeling is simpelweg gezegd dus contraproductief: het bevoordeelt banken met ene hoge hefboom en straft opnieuw de klassieke spaarbanken die veel deposito’s aanhouden en zich weinig op de speculatieve markt begeven. Opnieuw een gemiste kans!

Er zijn concreet 4 domeinen waar een fundamentele bijsturing van het wetsontwerp van de meerderheid derhalve nodig is

1) de bijdrage voor de financiële stabiliteit wordt minimaal afhankelijk gemaakt van de omvang van de instelling –zoals dit in buurlanden vaak het geval is. Het artikel 3 moet dus minimaal worden aangepast. Maximaal kan het artikel gewoon worden geschrapt: op die manier wordt de last voor de kleinere banken beperkt.

2) De verhoogde bijdrage voor 2012-2013 –verantwoord door de ‘actuele ontwikkelingen op de financiële markten waardoor het risico op interventie in 2012 en 2013 is toegenomen’ - mag niet uitsluitend op depositogarantie worden berekend, maar moet evenwichtig worden verdeeld over de pijlers financiële stabiliteit en depositogarantie.

3) Aanpassing van het risicomodel. Dit is fundamenteel. De bijdrage moet worden gemoduleerd in functie van het marktaandeel van de deposito’s van elke bank en er moet een risicoweging komen in functie van de hefboom van elke bank, waarbij banken met een hefboom groter dan 20, 1.5maal meer betalen en banken met enen hefboom kleiner dan 10 slechts de helft van het normale tarief betalen. Artikel 8 moet dus grondig worden bijgestuurd.

ð De risicofactor "risicogewogen activa / totaal activa" wordt best afgeschaft. De financiële crisis heeft immers aangetoond dat de complexe modellen voor risicoweging niet gewerkt hebben, en zelfs een risicoverhogende factor bleken te zijn. Ze geeft een foutief beeld van de werkelijkheid, zorgt voor een discriminatie tussen grote (wiens eigen interne modellen sterk verschillende resultaten geven al naargelang de methodiek) en kleine banken (die minder vaak statistische modellen kunnen ontwikkelen).

ð Tweede aanpassing aan het risicomodel: kapitaaltoereikendheid niet uitsluitend bepalen op basis van "eigen vermogen/risicogewogen activa", maar ook op basis van "eigen vermogen/totaal activa". Het huidige wetsontwerp houdt een incentive in voor ongebreidelde balansgroei op basis van risicomodellen.

Groen! en Ecolo hebben deze noodzakelijk aanpassingen in commissie gepresenteerd in de vorm van amendementen die artikels 3 en 8 aanpassen. Jammer genoeg werden ze niet door de meerderheid weerhouden. Hiermee bewijst de meerderheid opnieuw dat ze de lessen uit het Dexia-debacle of de financiële crisis nog steeds niet wenst om te zetten in degelijk beleid die de financiële stabiliteit versterken. Wederom een gemiste kans. Hoeveel crisissen moeten er nog volgen?

Laatst aangepast op vrijdag, 23 december 2011 14:44
 
Banner

RocketTheme Joomla Templates